Uiteindelijk bleek de camera met zijn achterkant ongeveer 1 cm van de betonnen achtermuur van de grootste studio van Nederland te moeten staan.

En dat alles voor één shot.

So what!

 

Point-of-view God

 


I
k snap niet hoe je die shots gemaakt hebt.

Dat is ook de bedoeling.

Ik wilde erg graag shots waarbij we recht omlaag door het open dak een rijdende auto inkijken. En ook wilde ik graag, al rijdend, dat de lantarenpalen tussen de camera en de auto door schoven. Met de auto aan alle kanten in beeld. En terwijl de camera er altijd recht boven bleef hangen, moest die auto ook nog in één shot kunnen stilstaan en optrekken. En hij moest snel kunnen rijden...

Maar hoe doe je dat? Een uitgeklapte camerakraan ernaast kan nooit 60 km per uur rijden en een helikopter kan nooit precies stilhangen, zoals boven de ANWB-richtingaanwijzer. Ook een minihelikopter of een remote-camera aan staalkabels vielen af. Uiteindelijk heb ik, samen met Henno van Bergeijk, een constructie bedacht waarbij de camerakraan vastzit aan de auto waar we bovenop kijken. Uiteraard komt dan ook de constructie in beeld. Die kun je in een stilstaand plaatje nog wel wegpoetsen, (hier niet overheen gaan) zoals schijnbaar op de foto’s op deze pagina, maar niet meer als alles beweegt. De truc is enkel te gaan rijden op egale ondergronden - nieuw geasfalteerde snelwegen, asfaltvlaktes, etc. ...want dan is het mogelijk een stuk van die bewegende ondergrond te verplaatsen en op de constructie te plakken.

Omdat een conventionele camera veel te zwaar is om acht meter boven een auto te hangen (we konden natuurlijk de constructie niet lekker met allerlei kabels aan de auto vastmaken, want dat komt dan allemaal in beeld), gebruikten we enkel een lens van een videocamera, die het beeld dan via een kabel doorgaf aan een digitale recorder in de achterbak. Ikzelf zat met Ruud (Schuitemaker, red.) te regisseren op de achterbank, lekker uit beeld.

En de regenbui?

Of die echt is, bedoel je? Wat denk je? We gingen op zoek naar een rijdende regenbui. Er blijkt dan in Nederland één brandweerwagen te zijn die al rijdende kan spuiten. Dus vier man op het dak met brandslangen en maar heen en weer rijden. Bart had een wetsuit aan, natuurlijk, maar Ruud en ik op de achterbank niet. Totaal doorweekt dus, incluis het interieur van de auto.

Omdat ik ook met zon wilde filmen, konden we enkel gebruikmaken van locaties waarbij de auto van oost naar west of omgekeerd kon rijden. Want anders zou de schaduw van de constructie over de auto en Bart heen vallen en daar is geen wegpoetsen aan. Dus je begrijpt dat ik wel ongeveer heel Nederland van oost naar west en weer terug heb doorkruist op zoek naar dat soort egale wegen en naar ANWB-richtingaanwijzers die de goede kant op wijzen.




Het grappige en vreemde was trouwens dat als we de schaduw van de auto opnieuw intekenden en we daarbij de échte schaduw als basis gebruikten, die schaduw erg ongeloofwaardig leek. We geloofden zogezegd niet meer in de werkelijkheid. Dus creëerden we een eigen schaduw die veel geloofwaardiger leek. Die schaduw moet dan wel meebewegen met het schokken van de auto.

De zijkant van de auto waar de constructie zich bevond, was moeilijk weg te poetsen. We kopieerden daarom de andere zijkant van de auto, spiegelden die omhoog en plakten hem vast aan de bovenzijde. (hier niet overheen gaan) Ook die moest weer meebewegen met de schokjes van de auto. Het buitenspiegeltje moest apart in beeld toegevoegd worden, maar dat had ik nog wel ergens liggen.


 

Video-film

 

Waarom heb je de film op video opgenomen?

Het productieproces is uniek geweest. Het is voor het eerst dat er in Nederland een complete speelfilm op hoogwaardige digitale betacam werd geschoten, waarna de uiteindelijke montage werd gescand (‘uitschieten’ heet dat tegenwoordig) naar 35mm-negatief. De digitale videocamera was voor dit proces geheel afgestemd

vooruitoverzichtachteruit